U bent hier

Kennis huisarts hepatitis B-bescherming kan beter

6 maart, 2019

Het NHG heeft het beleid over hepatitis B-vaccinaties bij werkers in de gezondheidszorg aangepast in de NHG-Standaard Virushepatitis en andere leveraandoeningen. Aanleiding is een onderzoek van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) waaruit blijkt dat het merendeel van de mondzorgverleners voldoende en aantoonbaar is beschermd tegen Hepatitis B, maar dat verbetering mogelijk en nodig is.

Het onderzoek is uitgevoerd onder 39 tandartspraktijken. De IGJ houdt de komende jaren nadrukkelijk toezicht op adequate Hepatitis B-vaccinatie bij mondzorgverleners. Huisartsen spelen hierbij ook een rol.

Controle op juiste hoeveelheid antistoffen

Kort samengevat vindt hepatitis B-bescherming bij mondzorgverleners plaats door middel van vaccinatie. Voor de individuele bescherming van iedere zorgverlener is een titer van 10 IE/L voldoende.  Als een zorgverlener ook risicohandelingen uitvoert, zoals mondzorgverleners, is een titer van > 100 IE/L, aansluitend aan de volledige reeks hepatitis B-vaccinaties, vereist om overdracht naar patiënten te voorkomen. IGJ concludeert in het onderzoek dat zowel een aantal huisartsen als GGD-artsen ten onrechte veronderstelden dat mondzorgverleners met een postvaccinatietiterbepaling lager dan 100 IE/L risicohandelingen mochten uitvoeren. IGJ heeft de huisartsen en GGD-artsen gevraagd voortaan te controleren op de juiste hoeveelheid antistoffen. Dit advies geldt natuurlijk niet alleen voor mondzorgverleners, maar voor alle gezondheidszorgwerkers die risicohandelingen verrichten.

Meer informatie voor huisartsen over hepatitis B-vaccinatie

In de Landelijke richtlijn Preventie transmissie van hepatitis B van medisch personeel naar patiënten staat onder meer het volgende:

  • Risicohandelingen zijn die handelingen waarbij de kans op bloed-bloedcontact tussen gezondheidszorgwerker en patiënt groot is. Het betreft vooral handelingen waarbij de (gehandschoende) handen binnen lichaamsholten of wonden in contact kunnen komen met scherpe instrumenten, naalden of scherpe weefseldelen (bijvoorbeeld botpunten of gebitselementen), terwijl de handen of vingertoppen soms niet zichtbaar zijn.
  • Risicovormers zijn onder andere: tandartsen, mondhygiënisten, orthodontisten, orthodontie-assistenten, en sommige tandartsassistenten; verloskundigen; bepaalde medische specialisten, bepaalde verpleegkundigen en bepaalde paramedische medewerkers.
  • Elke risicovormer moet gevaccineerd zijn tegen hepatitis B, met controle van de respons (titer) 4-8 weken na de laatste vaccinatie, die >100 IE/L moet zijn.

Informatie over gezondheidszorgmedewerkers die geen risicovormer zijn, is onder meer te vinden in de LCI-richtlijn hepatitis B, paragraaf Interpretatie van de anti-HBs-titer na vaccinatie, met uitzondering van risicovormers in de gezondheidszorg. Voor personeel dat risico loopt, wordt een titer van >10 UI/L aangehouden als bescherming, zie hiervoor de Praktijkrichtlijn voor bedrijfsartsen: hepatitis B-vaccinatie van risicolopend personeel dat geen risicovormer is (pdf).

De werkgever is verantwoordelijk voor de bescherming tegen arbeidsgerelateerde risico’s, inclusief vaccinaties (Arbobesluit 4.85). Mensen die werken in de zorg of op een andere manier risico lopen op contact met menselijk bloed of bloedproducten tijdens de beoefening van hun werk dienen door hun werkgever te worden gevaccineerd.

GGD-en en arbodiensten zijn gespecialiseerd in het vaccineren van medewerkers in de gezondheidszorg, met speciale aandacht voor de risicovormers.

Meer informatie