U bent hier

Veelgestelde vragen

NHG-Praktijkaccreditering, 16. Triage

Een triagesysteem bestaat uit een NHG-Triagewijzer of gelijkwaardig triagesysteem aangevuld met een werkwijze en schriftelijke afspraken over de verdeling van de triagetaken. 

Nee, dit is niet verplicht. De Nederlandse Triage Wijzer kan bijvoorbeeld een alternatief zijn. 

Een vastgelegde taakverdeling moet er voor zorgen dat alleen gekwalificeerde medewerkers de triage krijgen toegewezen en uitvoeren. Wat betreft triage is het van belang dat er een werkend systeem is en dat de betrokken medewerkers gekwalificeerd moet zijn voor deze taak. Zelfstandig door hen gegeven adviezen en afgehandelde hulpvragen dienen te worden geregistreerd en door de huisarts geautoriseerd voor zover noodzakelijk. Dit betekent dat de praktijk minimaal een werkafspraak heeft om aan te kunnen tonen hoe "voor zover noodzakelijk" wordt toegepast.
Zie ook het document Actuele Informatie op NPAweb.

Nee, er hoeft geen speciale training gevolgd te worden, al is dit wel nuttig. Het is belangrijk dat de praktijk over een werkend,  systeem beschikt met personeel dat bevoegd en bekwaam is om triage uit te voeren.

Nee, alleen "voor zover noodzakelijk". In principe moeten zelfstandig afgehandelde hulpvragen wel worden geregistreerd en geauthoriseerd. Belangrijkste overwegingen zijn het mogelijke risico van foute adviezen en aansprakelijkheid van de huisarts als eindverantwoordelijke voor de zorg. Daarnaast geeft autorisatie de assistente bevestiging van de juistheid van gemaakte keuzen.
Ruimte voor de praktijk ligt met name in: “achteraf autoriseren”. De norm is dus registreren en autoriseren voor zover noodzakelijk. De praktijk kan flexibel invullingen geven aan de werkwijze, maar minimaal moet er een werkafspraak zijn om aan te kunnen tonen hoe "voor zover noodzakelijk" wordt toegepast.