U bent hier

NHG-Zorgmodule Leefstijl Roken (samenvatting)

Inhoudsopgave

 

Richtlijnen diagnostiek

Aankaarten

Er moet een aanleiding zijn om naar het roken te vragen; sluit aan bij de klachten, aandoeningen en vragen van de patiënt.

Inventariseren

Vraag patiënten bij wie het van belang is het rookgedrag in kaart te brengen naar de rookstatus: ‘Rookt u?’

Leg de rookstatus vast in het dossier. Geef persoonsgerichte voorlichting over de gezondheidsrisico’s. Gebruik bij screening naar COPD of in het kader van CVRM bijvoorbeeld www.testuwrisico.nl.

Exploreren motivatie tot gedragsverandering

Vraag de patiënt toestemming om stoppen met roken te bespreken. Vraag vervolgens:

  • In hoeverre zou u willen stoppen met roken?
  • Wat zouden voor u de drie belangrijkste redenen zijn om te stoppen? 
  • Hoe belangrijk is het voor u om te stoppen met roken (geef aan op een schaal van 0-10). Vraag bij een lage score waarom de patiënt het minderen of stoppen niet/minder belangrijk vindt. 
  • Stel dat u zou besluiten te stoppen met roken, hoe zou u dat aanpakken? Hoeveel vertrouwen heeft u erin dat het u gaat lukken (op een schaal van 0-10). Ga na waarom de patiënt zichzelf dit cijfer geeft en niet lager en wat ervoor nodig is om op een hoger cijfer te komen? 

Vat de antwoorden van de patiënt samen en vraag wat deze denkt te moeten veranderen en hoe hij dit wil aanpakken. Vraag vervolgens:

  • In hoeverre zou u hierbij hulp willen hebben?
  • Weet u welke vormen van hulp mogelijk zijn?

Als de patiënt op dit moment niet wil stoppen met roken:

  • Vraag of u de patiënt (eventueel schriftelijk) nadere informatie mag geven over het stoppen met roken.
  • Benadruk dat de patiënt altijd op een later moment op zijn rookgedrag mag terugkomen.

 

Evaluatie

Stel vast of de patiënt gemotiveerd is om te stoppen met roken, dit overweegt of ongemotiveerd is.

 

Richtlijnen beleid

De eigen verantwoordelijkheid, wensen en motivatie van de patiënt zijn het uitgangspunt voor de behandeling.

De effectiviteit neemt toe naarmate de behandeling intensiever is (aantal contactmomenten, aantal vervolgafspraken en duur van de behandeling).

Bespreek de ondersteuningsmogelijkheden in de praktijk, wijk en regio en van het internet.

Ga samen met de patiënt na welk zorgprofiel het meest passend is op grond van diens:

  • zelfmanagementvaardigheden;
  • ervaringen met eerdere stop- of minderingspogingen;
  • voorkeuren. 

Zorgprofiel

Inhoud

Betrokken zorgverleners

1. Uitsluitend zelfmanagement
  • Voorkeur patiënt
  • Voldoende
    zelfmanagement-
    vaardigheden
  • Geen
  • Eventueel vervolgafspraak
2. Kort stoppen-met-rokenadvies

Voorlichting en bewust maken van de gezondheidsrisico’s:

  • op een duidelijke, krachtige en op de persoon afgestemde manier;
  • met nadruk op het belang van het stoppen met roken voor de toekomstige gezondheid;
  • met een relatie naar de huidige ziekten, risicofactoren
    of klachten van de patiënt.
  • Huisarts
  • Praktijkondersteuner
  • Andere zorgverleners in eerste en tweede lijn
3. Korte motiverende interventie
  • Bewust maken van gezondheidsrisico’s
  • Motiverende gespreksvoering

Bespreek:

  • de nadelen van roken en de voordelen van niet roken;
  • de relevantie van het stoppen met roken;
  • de risico's van de patiënt;
  • mogelijke barrières bij het stoppen met roken
  • wijs de roker op de behandelings- en
    ondersteuningsmogelijkheden;
  • alternatieven voor de prettige effecten van tabak.
  • Huisarts
  • Praktijkondersteuner
  • Andere zorgverleners in eerste of tweede lijn
4. Intensieve
ondersteunende interventie

Intensieve behandeling bij het stoppen met roken

Bespreek:

  • de nadelen van roken en de voordelen van niet roken;
  • de relevantie van het stoppen met roken;
  • de risico's van de patiënt;
  • mogelijke barrières bij het stoppen met roken
  • wijs de roker op de behandelings- en
    ondersteuningsmogelijkheden;
  • alternatieven voor de prettige effecten van tabak.
  • Stel een behandelingsplan op met onder meer
    de stopdatum en vervolgcontacten
  • Farmacologische ondersteuning door de huisarts
  • Huisarts
  • Praktijkondersteuner
  • Andere zorgverleners in eerste of tweede lijn
  • Check zo nodig het Kwaliteitsregister Stoppen met roken
5. Gespecialiseerde behandeling
  • Complexe verslavings-
    problematiek
  • Patiënt is al onder behandeling in de verslavingszorg
  • Ernstig verslaafde rokers
  • Intensieve behandeling bij het stoppen met roken
  • Behandelingsplan opstellen
  • Farmacologische ondersteuning
  • Gespecialiseerde GGZ (verslavingzorg)