Epidemiologie en etiologie

Het mpox-virus is een zoönotische infectie (een ziekte die van dier op mens kan overgaan), behorend tot het geslacht van de orthopoxvirussen, waar ook het pokkenvirus (variola) toe behoort. Normaal gesproken worden infecties met mpox-virus vooral gezien in Afrika, en spelen knaagdieren een belangrijke rol in de verspreiding. In 2022 was er sprake van een mondiale uitbraak met mpox-variant IIb met verspreiding van mens op mens. Deze variant wordt na de uitbraak in 2022 nog maar weinig gezien in Nederland. Bekijk voor de actuele cijfers van mpox in Nederland de website van het RIVM.

Sinds 2024 zijn er meerdere uitbraken in Afrika met onder andere een nieuwe variant van het mpox-virus, variant Ib, die nu ook in een aantal Europese landen, waaronder Nederland, wordt gezien.

Transmissie 

Hoewel iedereen mpox kan krijgen, kwam de ziekte tijdens de uitbraak van 2022 met virusvariant IIb met name voor bij MSM (mannen die seks hebben met mannen). Overdracht vond met name plaats via intiem huid-op-huidcontact of via slijmvliescontact (zoals bij orale of anogenitale seks). Ook waren er aanwijzingen voor overdracht via sperma.

De nieuwe virusvariant Ib lijkt zich in Europa op een vergelijkbare manier te verspreiden als de IIb-variant. Overdracht van mpox kan ook plaatsvinden via contact met huidlaesies of besmet materiaal zoals gecontamineerde kleding of beddengoed.

De gemiddelde incubatietijd ligt rond de 1-9 dagen (spreiding 5-21 dagen). Patiënten kunnen zonder zichtbare laesies besmettelijk zijn. Een patiënt is in principe besmettelijk vanaf 2 dagen voordat er zichtbare laesies optreden of proctitis zich ontwikkelt. Bij afwezigheid van laesies (of proctitis) wordt ervan uitgegaan dat een patiënt besmettelijk is vanaf de start van de systemische symptomen.  

Nadat de laatste korstjes van de huidlaesies zijn afgevallen en er re-epithelialisatie heeft plaatsgevonden, zijn patiënten niet meer besmettelijk. 

Klinisch beeld

Systemische symptomen 

Koorts, hoofdpijn, spierpijn, rugpijn, malaise, (meestal pijnlijke) lymfadenopathie (gelokaliseerd dan wel gegeneraliseerd) komt voor bij grofweg de helft van de huidige patiënten. Deze symptomen ontwikkelen zich meestal enkele dagen voordat de huidlaesies optreden (prodromale verschijnselen), maar kunnen ook gelijktijdig of nadien optreden.  In 95% van de gevallen ontstaan de huidlaesies binnen 7 dagen na het ontstaan van de prodromale verschijnselen.

Huid- en slijmvlieslaesies

De laesies starten vaak als maculopapuleuze uitslag op de plek van besmetting, waarna er verspreiding naar andere delen van het lichaam plaatsvindt, inclusief handen, voeten en slijmvliezen. De huiduitslag kan gepaard gaan met pijnlijke lymfadenopathie en/of koorts.

Afbeeldingen van laesies zijn te vinden bij de achtergrondinformatie van de UK Health Security Agency, de website van het RIVM, klinische informatie beschikbaar op de site van het RIVM, of het gepubliceerde artikel van Thornhill et al.  

De maculopapuleuze huiduitslag gaat over in vesikels met donkere ‘kern’ of pustels, welke een opgeworpen rand kunnen hebben, zogenaamde ‘umbilicated’ pustels of papels. Uiteindelijk treedt er korstvorming op. Laesies presenteren zich meestal in hetzelfde stadium, maar kunnen ook tegelijkertijd in verschillende stadia voorkomen. Rondom de laesies wordt vaak een fel erytheem en/of hyperpigmentatie gezien. De laesies zijn initieel pijnlijk en in een later stadium jeukend. Laesies kunnen gegeneraliseerd voorkomen (van enkele laesies tot honderden) of gelokaliseerd blijven.   

Na het indrogen van de pokken blijven korsten over die na 2-3 weken van de huid afvallen. Het is mogelijk dat laesies littekens achterlaten op de huid.

Proctitis

Klachten passend bij een proctitis komen regelmatig voor bij mpox, soms zelfs als enige lichamelijke klacht. Een proctitis is een ontsteking die beperkt blijft tot het rectum. Het kan rectaal bloedverlies met loze aandrang en een dof, pijnlijk gevoel veroorzaken, bij meestal normale ontlasting. 

Complicaties

In sommige gevallen treden secundaire bacteriële superinfecties op van de huid- en slijmvlieslaesies. Dit kan variëren van milde impetiginisatie tot forse infiltraten dan wel ulcera. De blaasjes kunnen blijvende littekens veroorzaken.

Daarnaast zijn de volgende complicaties beschreven: pneumonie, dehydratie door diarree en braken, sepsis, encefalitis en ooginfecties met blijvende blindheid.

Risicogroepen

Er is weinig bewijs over de precieze risicogroepen van mpox. Volgens de WHO en ECDC behoren kinderen, immuungecompromitteerde patiënten en zwangeren tot de risicogroepen. Infecties tijdens de zwangerschap met virusvariant I (a en b) en virusvariant IIa zijn geassocieerd met neonatale complicaties, waaronder vroeggeboorte en ook foetale dood (retrospectieve studies, n=7 zwangerschappen). Mpox door virusvariant IIb is beschreven bij 58 zwangeren, tijdens de uitbraak in 2022. Hiervan belandden 14 zwangeren in het ziekenhuis (geen IC-opnames), en overleed niemand.

Infecties met mpox bij (onbehandelde) hiv-positieve patiënten en lage CD4-getallen verlopen zeer ernstig.