U bent hier

Bouwstenen voor het medicatieproces

Vanaf eind 2012 tot begin 2014 hebben het NHG, de KNMP en Z-Index het project ‘Bouwstenen voor het medicatieproces’ uitgevoerd. Het resultaat is een model dat een oplossing biedt voor allerlei knelpunten rondom medicatiegegevens. Aanleiding voor het project was dat verschillende gremia vragen naar oplossingen voor problemen rondom de registratie en uitwisseling van medicatiegegevens.

Dit zijn problemen zoals:

  • Het wijzigen of staken van medicatie kan vaak niet op een intuïtieve wijze worden vastgelegd en uitgewisseld; het dossier is daardoor vaak niet op orde.
  • De werkwijze rondom baxtermedicatie levert een grote hoeveelheid afleverberichten op waarin de huisarts relevante informatie moeilijk kan vinden. De huidige werkwijze met autorisatieformulieren houdt in dat er dubbel geregistreerd wordt, wat makkelijk tot fouten leidt.
  • De huisarts ervaart de opsomming van voorschriften en afleverberichten veelal als onoverzichtelijk; het is vaak moeilijk relevante historische informatie te vinden.
  • De patiënt herkent vaak niet de met hem gemaakte afspraken in bijvoorbeeld een portaal.
  • Bij het uitvoeren van medicatiebewaking zijn begrippen als ‘actuele’ medicatie of ‘chronische’ medicatie vaak niet eenduidig uit andere gegevens af te leiden.

De onderliggende oorzaak van deze problemen is dat medisch-inhoudelijke en logistieke aspecten door elkaar lopen in de registratie en communicatie. Het oplossen van deze problemen wordt bemoeilijkt doordat een eenduidig begrippenkader ontbreekt. Dat wil zeggen dat begrippen in verschillende situaties, in verschillende softwareapplicaties en door verschillende zorgverleners met een andere betekenis gebruikt worden.

Het project kent twee doelstellingen: allereerst stellen we een eenduidig begrippenkader vast op basis van een conceptueel model. Vervolgens beschrijven we een globale oplossingsrichting door dat model toe te passen op scenario’s waarin zich problemen voordoen. Het resultaat is een solide basis om bijvoorbeeld een ontwerp voor een softwareapplicatie voor voorschrijvers of apothekers op te baseren.

Model

In het model is het proces als vertrekpunt genomen. Samengestelde activiteiten zoals ‘voorschrijven’ en ‘ter hand stellen’ zijn ontleed tot activiteiten die eenduidig medisch-inhoudelijk of logistiek van aard zijn. Het voorschrijven bestaat zo uit ‘medicatie afspreken’ met de patiënt en ‘verstrekking verzoeken’ aan de apotheker. Uit deze activiteiten volgen de ‘bouwstenen’, bijvoorbeeld: uit ‘medicatie afspreken’ volgt een ‘medicatieafspraak’.

Onderstaande tabel geeft de geïdentificeerde bouwstenen weer. Daarna wordt door middel van een scenario beschreven hoe de bouwstenen kunnen worden toegepast en hoe de problemen daarmee worden opgelost.

Tabel 1: de bouwstenen

voorschrijverapothekertoedienerpatiënt
therapiemedicatieafspraaktoedieningsafspraak
medicatieadvies
toediening(en)gebruik
logistiekverstrekkingsverzoekverstrekking
voorstel-verstrekkingsverzoek
verbruik

 

Scenario’s

Stel, op 2 januari 2012 wordt de volgende medicatieafspraak gemaakt met een patiënt: gebruik Metoprolol tablet mga 100 mg; een maal daags een tablet; van 2 januari 2012 voor onbepaalde duur. Iedere drie maanden volgt een verstrekkingsverzoek aan de apotheker: verstrek Metoprolol tablet mga 100 mg voor de duur van 3 maanden – ter ondersteuning van de medicatieafspraak van 2 januari.

De patiënt komt drie dagen later na de medicatieafspraak bij de apotheker. De apotheker vult de medicatieafspraak op een concreet niveau in. De toedieningsafspraak luidt: gebruik Metoprolol PCH retard 100 tabl mga 95 mg; een maal daags een tablet om 9 uur; van 6 januari 2012 voor onbepaalde duur. De verstrekkingen gebeuren wekelijks (er is sprake van baxtermedicatie): op 6 januari worden 7 tabletten Metoprolol PCH retard 100 tabl mga 95mg afgeleverd.

Wijzigen en staken

De medicatieafspraak en toedieningsafspraak blijven actueel tot er in een vervolgcontact met de patiënt afgesproken wordt de medicatie te wijzigen of te staken. Het staken en wijzigen zijn op zichzelf staande medicatieafspraken waarbij met ingang van de nieuwe medicatieafspraak de voorgaande medicatie- en toedieningsafspraken worden beëindigd. Een wijziging kan bijvoorbeeld zijn dat de dosering of de sterkte van het geneesmiddel wordt verhoogd. Het blijft daarbij duidelijk dat deze medicatieafspraken bij dezelfde medicamenteuze behandeling horen. Binnen het kader van een medicatieafspraak kan een apotheker de toedieningsafspraak wijzigen door bijvoorbeeld een ander handelsproduct te kiezen (bv vanwege het preferentiebeleid van de zorgverzekeraar)

Baxtermedicatie

De procesgang met het  autorisatieformulier wordt vervangen door het voorstel-verstrekkingsverzoek. Hierbij wordt een verstrekkingsverzoek (in het voorbeeld Metoprolol tablet mga 100 mg voor de duur van 3 maanden) voorgesteld om te accorderen. Dit voorstel voor een verstrekkingsverzoek heeft betrekking op de bestaande medicatieafspraak; aan de medicatieafspraak verandert niets. De relevante informatie voor de arts is te vinden in de toedieningsafspraak.

Wanneer de apotheker eventueel concludeert dat de medicatie aangepast moet worden, stuurt hij een medicatieadvies aan de voorschrijver: een concreet voorstel voor een medicatieafspraak.

Het op deze wijze elektronisch afstemmen tussen de voorschrijver en de apotheker voorkomt de driedubbele redundante registratie rondom het huidige autorisatieformulier, met de fouten die daaruit voortkomen. De onoverzichtelijke hoeveelheid afleverberichten wordt opgelost doordat de relevante informatie in de toedieningsafspraak te vinden is en niet in de verstrekking.

Uitvoering van de afspraken

In dit scenario komt het daadwerkelijk gebruik van Metoprolol overeen met de medicatie – en toedieningsafspraken. Daarnaast gebruikt hij als zelfmedicatie ibuprofen 400mg; een maal daags een tablet. Het geschatte verbruikgeeft aan tot wanneer de medicatievoorraad reikt(e) en wordt afgeleid uit de beschikbare informatie. Toediening(en) worden verricht door bijvoorbeeld een thuiszorgverpleegkundige.

Medicatiebewaking

De vraag die gesteld kan worden bij medicatiebewaking is “wat is het huidige gebruik en wat gaat er gebruikt worden?” Het antwoord op deze vraag wordt het best benaderd door: de actuele medicatie- en toedieningsafspraken en het actuele gebruik. Het probleem rondom het afleiden van  ‘actuele medicatie’ en ‘chronische medicatie’ uit logistieke gegevens is daarmee opgelost.

Conclusie

In het model is therapeutische en logistieke informatie van elkaar gescheiden. Het model neemt de therapeutische bouwstenen: medicatie- en toedieningsafspraak en het gebruik als vertrekpunt Het logistieke procesdeel ligt ‘daaronder’ en kan op verschillende wijze worden uitgevoerd.

Deze insteek maakt het eenvoudiger een helder overzicht te houden over de actuele afspraken en tot wanneer deze gelden. Dat leidt vervolgens tot veiliger medicamenteuze zorg, en een efficiëntere registratie en uitwisseling van gegevens. Het model is generiek toepasbaar op de probleemscenario’s. Ook bestaat de indruk dat het te projecteren is op de klinische situatie.

Vervolgstappen

Naast deze andere denkwijze over medicatiegegevens is het essentieel dat de huisarts, medisch specialist en apotheker deze bouwstenen kunnen registreren en communiceren. Dit vereist afstemming met softwareleveranciers, Nictiz en de andere partijen in de zorg.

Sinds 2015 gebeurt dat door middel van het project 'informatiestandaard medicatieproces' dat wordt uitgevoerd door Nictiz, het NHG en andere zorgkoepels uit de eerste, tweede en derde lijn. 

Het document "Bouwstenen voor het medicatieproces" is hier te downloaden.

Voor meer informatie kunt u terecht bij Richard Westerhof