U bent hier

Veelgestelde vragen

Coronavirus

Ja, het nieuwe coronavirus is meldingsplichting; het behoort tot de zogenaamde Categorie A ziekten. Dit betekent dat bij verdenking op deze infectieziekte al gemeld moet worden. Bij verdenking op een infectie met het coronavirus type SARS-CoV-2, belt de huisarts altijd direct de arts Infectieziektebestrijding van de GGD. Deze is 24/7 hiervoor beschikbaar. De GGD zorgt voor diagnostiek en meldt direct (al bij verdenking) anoniem conform de Wet publieke gezondheid aan het CIB (Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM).

Zie ook onze informatie over Meldingsplichtige infectieziekten.

 

De incubatietijd van het coronavirus bedraagt 3 tot maximaal 14 dagen.

De mate van besmettelijkheid van het coronavirus van mens-op-mens en de omstandigheden waaronder deze plaatsvindt, zijn nog niet volledig bekend. De huidige gegevens wijzen op overdracht via druppels uit de keel.

Er is een kans op introductie van het nieuwe coronavirus in Nederland. Er zijn momenteel al een aantal patiënten met een infectie door het coronavirus in Europa. De verwachting is dat dit aantal toe zal nemen. Hoe snel dit zal gaan, is onzeker. Doordat bepaalde vliegvelden in China inmiddels zijn gesloten, komen er minder reizigers uit dit gebied. In Nederland komen er geen directe vluchten uit de stad Wuhan in China.

Vraag bij patiënten met koorts en luchtwegklachten (hoesten of kortademigheid) telefonisch naar de voorafgaande reisgeschiedenis van de afgelopen twee weken. Als er sprake is van een recent verblijf in het risicogebied, vraag dan naar direct contact met mogelijke patiënten met het coronavirus.

Het RIVM hanteert momenteel de volgende casusdefinities voor een besmetting met het coronavirus:

(hetzelfde voor intramuraal en extramuraal):

Een persoon met:

  • koorts (ten minste 38 graden Celsius) én ten minste één van de volgende respiratoire verschijnselen: hoesten of kortademigheid

EN

  • de klachten zijn ontstaan binnen 14 dagen na terugkomst uit het vasteland van China (exclusief Hong Kong, Macau en Taiwan)

of:

  • de klachten zijn ontstaan binnen 14 dagen na contact met een patiënt met een bevestigde infectie met SARS-CoV-2.

Het is van belang dat een patiënt die zich bij u meldt met bovenstaande kenmerken NIET naar de praktijk komt. Neem telefonisch een anamnese af, waarbij u het volgende navraagt:

  • De aard van de respiratoire klachten en de ernst daarvan?
  • Wanneer de klachten zijn begonnen?
  • Is de patiënt in Wuhan - of een nieuw gebied waar actuele overdracht plaatsvindt* - geweest en wanneer precies?
  • Heeft de patiënt in China ziekenhuizen bezocht en wanneer precies?
  • Heeft de patiënt contact gehad met iemand met een bevestigde SARS-CoV-2-infectie?

* De gebieden waar lokale transmissie voorkomt, zullen zo nodig aangepast worden op basis van nieuwe informatie. Het RIVM zal uitbreiding van deze gebieden direct op haar website publiceren.

 

Als uit de telefonische triage blijkt dat er daadwerkelijk een vermoeden is van een infectie met het nieuwe coronavirus, overleg dan eerst met de GGD. De GGD zal een huisbezoek afleggen om diagnostiek te doen. Als de patiënt tevens klinisch beoordeeld moet worden, laat hem dan niet op de praktijk komen, maar ga op huisbezoek. Overleg eerst met de GGD over wanneer de uitslag van de diagnostiek te verwachten is.

Indien uit telefonische triage blijkt dat de patiënt klinisch beoordeeld moet worden door de huisarts, ga dan op huisbezoek. Gebruik tijdens het huisbezoek persoonlijke beschermingsmiddelen geïndiceerd voor druppel- en contactisolatie: gezichtsbescherming bestaande uit een FFP2-masker (dit is een ademhalingsbeschermingsmasker) en een beschermende bril, niet-steriele handschoenen en een vochtwerend halterschort (deze is mouwloos). Pas na het uittrekken van de persoonlijke beschermingsmiddelen altijd handhygiëne toe.

Zie voor meer informatie het onderdeel persoonlijke beschermingsmiddelen in de richtlijn Infectiepreventie in de huisartsen- en verloskundigenpraktijk.

Als een patiënt zich al bij u in de praktijk bevindt:

  • Zet de patiënt in een aparte ruimte en geef de patiënt een mondneusmasker.
  • Neem contact op met de GGD.
  • Indien de patiënt voldoet aan de criteria voor afname van diagnostiek voor SARS-CoV-2, ga na of en wanneer de patiënt in de wachtkamer heeft gezeten. De GGD kan vragen om een lijst te maken met contacten die ook in de wachtkamer hebben gezeten.
  • Ventileer de ruimte waar de patiënt heeft verbleven minstens een halfuur. Reinig en desinfecteer de ruimte hierna conform de NHG-Richtlijn Infectiepreventie in de huisartsen- en verloskundigenpraktijk.

Als ambulancevervoer nodig is, meld dan de verdenking van het coronavirus: ambulances hebben een eigen protocol voor vervoer van verdachte patiënten.

Het NHG is zelf geen deskundige op het gebied van coronavirussen. Wij baseren onze adviezen op de informatie en adviezen die wij krijgen van het RIVM. De situatie -en daarmee ook de huidige adviezen- is aan verandering onderhevig, aangezien het gaat om een uitbraak van een nieuw virus waarover nog diverse onduidelijkheden bestaan. Wij adviseren huisartsen om de berichtgeving hierover in de gaten te houden.

 

Zie verder:

Adviezen over infectiepreventie voor de Nederlandse huisartsenpraktijk:

 

Meer informatie over gebruik van mondneusmaskers vindt u in het document Persoonlijke beschermingsmiddelen - voorbeeldwerkafspraak. Bekijk ook het instructiefilmpje 'Correct opzetten FFP masker' op dokterhoe.nl.