U bent hier

Veelgestelde vragen

Algemeen, NHG-Standpunten

Om het medisch beleid van de huisarts te ondersteunen en in te gaan op actuele issues ontwikkelt het NHG medisch-inhoudelijke standpunten. Hier ziet u welke medisch inhoudelijke standpunten het NHG heeft geschreven.
 

De visie van de beroepsgroep is op basis van de Toekomstvisie Huisartsenzorg uitgewerkt in diverse inhoudelijk onderbouwde Standpunten over onderdelen van de huisartsenzorg. Deze Standpunten worden gemaakt in samenwerking met de LHV.

Het Nederlands Huisartsen Genootschap is een vereniging die een wetenschappelijk verantwoorde beroepsuitoefening door de huisarts bevordert en ondersteunt. Wij zijn niet gericht op ethische en juridische kwesties. Ook vragen over wilsverklaringen en dergelijke  nemen wij niet in behandeling. Wij verwijzen u hiervoor naar de KNMG (www.knmg.nl) en de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (www.nvve.nl). Op Thuisarts.nl zijn teksten voor patiënten te vinden over (nadenken) over het levenseinde.

Het uitvoeren van kleine chirurgische verrichtingen in de huisartsenpraktijk heeft de steun van het NHG. Het biedt de patiënt de mogelijkheid een kleine chirurgische ingreep in de eigen, vertrouwde huisartsenpraktijk en dichtbij huis te ondergaan. Het biedt huisartsen de mogelijkheid hun vak te verbreden naar niet alledaagse huisartsenzorg hetgeen het plezier en de uitdaging in het werk bevordert. Tot slot werkt het op macro-niveau kostenbesparend (substitutie van 2e naar 1e lijn).

Het is van belang dat de huisarts affiniteit heeft met het uitvoeren van deze verrichtingen. Een huisarts is volgens de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (BIG) bevoegd om heelkundige handelingen uit te voeren. Maar deze bevoegdheid geldt alleen als de arts eveneens bekwaam is.

De bekwaamheid zal iedere huisarts voor zichzelf moeten bepalen, dat is onderdeel van het professioneel handelen. De meeste ingrepen in de huisartsenzorg hebben een relatief een technisch eenvoudig karakter waarvoor het verwerven van de nodige bekwaamheid niet veel problemen zal opleveren. Voor ooglidcorrectie en vasectomie is een gedegen opleiding onder leiding van een medisch specialist (bijvoorbeeld uroloog) of een ervaren huisarts-collega noodzakelijk.

De huisarts moet zich dus bekwamen en daarvoor is het nodig dat het volumeaantal met name in de beginperiode voldoende moet zijn. Dat betekent dat de eerste  5 à 10 behandelingen onder supervisie worden uitgevoerd. De huisarts behoort complicaties te registreren.

Het NHG heeft in 2009 het Handboek verrichtingen in de huisartsenpraktijk uitgegeven. In dit boek wordt aan de hand van stapsgewijze instructie, verhelderende foto’s en tekeningen een groot aantal verrichtingen toegankelijk gemaakt.

De missie van het NHG is het bevorderen en ondersteunen van wetenschappelijk en maatschappelijk verantwoorde beroepsuitoefening door de huisarts. De NHG-Standaarden zijn de neerslag van actuele geneeskundige kennis in praktische aanbevelingen. In de loop der tijd treden veranderingen op door nieuwe ontwikkelingen en inzichten, ook op het gebied van geneesmiddelen. Veel geneesmiddelen komen en gaan. Soms komen ze later weer terug op de markt op basis van nieuwe trials of reviews van trials. Het komt voor dat na aanvankelijke terughoudendheid geneesmiddelen later de voorkeur gaan krijgen, op basis van nieuw vergelijkend onderzoek. Dat onderzoek wordt vaak pas enige tijd na de introductie van een nieuw middel uitgevoerd, op basis van gegevens over de lange termijn veiligheid.

Kennisontwikkeling is een geleidelijk proces dat zich in kleine stapjes voltrekt, waarbij er altijd sprake is van een marge aan onzekerheid. Om deze marge zo klein mogelijk te houden is de keuze van het NHG vooral een veilige keuze, waarmee we het belang van de huisarts én de patiënt optimaal willen dienen. De meerwaarde van nieuwe geneesmiddelen moet dus eerst worden aangetoond, voordat ze worden aanbevolen in de NHG-Standaard.

De NHG-Standaarden zijn de basis voor het medisch handelen voor huisartsen. De richtlijnen bieden de meest actuele kennis en stand van zaken van de medische wetenschap. Ze hebben voor de huisartsen geen dwingend karakter. Richtlijnen helpen de huisarts bij de besluitvorming.

Richtlijnen hoeven niet worden gevolgd- het zijn immers geen wetten of voorschriften-  maar moeten met het professionele verstand van de huisarts worden gebruikt. Ieder mens is uniek en dus is elke patiënt uniek. In individuele gevallen kan  -en moet  - er afgeweken worden. Dat is bijvoorbeeld het geval bij patiënten met multimorbiditeit of verminderde levensverwachting.

Ook patiënten kunnen niet eisen dat een richtlijn van a tot z wordt gevolgd. Bij de toepassing van richtlijnen wordt er vanuit gegaan dat de arts in staat is om op een professionele wijze te communiceren en aan de patiënt begrijpelijke informatie kan geven ter onderbouwing van zijn beleid, ook wanneer deze afwijkt van de wens van de patiënt. Richtlijnen helpen de arts om de patiënt goed voor te lichten over het beleid.