U bent hier

Inzet AstraZeneca bij patiënten onder 60 jaar

11 mei, 2021

Huisartsen mogen onder voorwaarden patiënten onder de 60 jaar vaccineren met het AstraZeneca-vaccin. In de NHG-Praktijkhandleiding COVID-19-vaccinatie zijn deze voorwaarden opgenomen en toegelicht.

De KNMG heeft, in samenspraak met de inspectie gezondheidszorg en jeugd, een beroepsnorm vastgesteld over de inzet van AstraZeneca-vaccin bij patiënten onder de 60 jaar. De KNMG-norm stelt dat het voor (huis)artsen onder voorwaarden mogelijk is patiënten onder de 60 jaar met AstraZeneca te vaccineren.

Gedocumenteerde informed consent

Voorwaarde is dat er een uitdrukkelijk informed consent ligt. Dat wil zeggen dat de patiënt daar na goede voorlichting en een gezamenlijke afweging van voor- en nadelen welbewust voor kiest, en dat de arts de visie deelt dat vaccinatie om medische of sociale redenen gewenst is. De arts moet kunnen onderbouwen waarom de keus is gemaakt. Het is belangrijk dat deze informatie goed wordt gedocumenteerd in het HIS.

50 jaar en ouder

Minister De Jonge heeft de Gezondheidsraad gevraagd of AstraZeneca ook voor vijftigers geadviseerd kan worden. Om die reden adviseert het NHG aan huisartsen die hun patiënten onder de 60 jaar willen vaccineren met AstraZeneca en die nog geen oproep hebben gekregen, gegeven de beroepsnorm, dicht te blijven bij de oorspronkelijk geselecteerde groepen. Het advies is de vaccinatie te beperken tot de patiëntengroep van 50 jaar en ouder, bij voorkeur zo dicht mogelijk tegen de 60 jaar.

Daarbij gelden tevens de volgende voorwaarden:

  • Bespreek met de patiënt de risico’s van vaccinatie met AstraZeneca. Gebruik hiervoor eventueel informatie op Thuisarts.nl. Geef zo nodig informatie op papier mee
  • Stel samen met de patiënt vast wat de redenen zijn om niet te wachten op een reguliere oproep 
  • Zorg voor informed consent 
  • Documenteer de overwegingen, afspraken en informed consent direct na het consult in het HIS 

Meer informatie