U bent hier

NHG-Behandelrichtlijn Worminfecties

Deze NHG-Behandelrichtlijn zit in een nieuwe jas.

Sinds 20 mei is de NHG-Behandelrichtlijn Worminfecties ook na te slaan op de nieuwe website NHG-Standaarden en behandelrichtlijnen (bèta). Voorlopig worden beide versies actueel gehouden. Laat ons weten wat u ervan vindt.

Kernboodschappen

  • Deze richtlijn behandelt de diagnostiek en het beleid bij enterobiasis ('wormpjes'), spoel-, zweep- en lintwormen en geeft uitleg over honden- en kattenspoelwormen en de in Nederland meest voorkomende importworminfecties.
  • De plakbandtest heeft voor het aantonen van enterobiasis de voorkeur boven het insturen van een fecesmonster.
  • Stuur de worm of -delen op als er onzekerheid bestaat bij determinatie: regelmatig treedt verwarring op tussen spoel- of zweepwormen en bijvoorbeeld voedseldelen of aardwormen.
  • Stuur bij het vermoeden van een lintworm altijd de worm(delen) (of feces) op om vast te stellen dat het de onschuldige runderlintworm betreft en niet de zeer zeldzame maar gevaarlijke varkenslintworm.
  • Bij enterobiasis zijn wormeitjes direct besmettelijk voor huisgenoten. Geef daarom hygiënische adviezen. Bij spoel-, zweep- en runderlintwormen zijn hygiënische adviezen niet nodig.
  • Omdat bij enterobiasis de infectie zonder herbesmetting na 4 tot 6 weken verdwijnt, kunnen patiënten met hygiënische maatregelen het natuurlijk herstel afwachten.
  • Als er 1 persoon in een gezin klachten heeft van enterobiasis, hoeven andere gezinsleden niet te worden behandeld.

Versiedatum: mei 2019