U bent hier

LESA Antistolling

Deze LESA beschrijft de taken en verantwoordelijkheden van huisarts, apotheker, trombosedienstarts en tandarts bij de behandeling en begeleiding van patiënten die worden behandeld met een antistollingsmiddel. Verder geeft deze LESA aanbevelingen voor het maken van werkafspraken over taken en verantwoordelijkheden bij patiënten die een antistollingsmiddel gebruiken.

Kernpunten

  • Het gebruik van antistollingsmiddelen geeft een verhoogd risico op bloedingen. In de praktijk is een bloeding vaak het gevolg van een combinatie van factoren, waarbij de verminderde stolling een belangrijke, maar niet de enige oorzaak is.
  • Het maken van werkafspraken over taken en verantwoordelijkheden alsmede over de kwaliteit en wijze van informatieverstrekking tussen huisarts, apotheker, trombosedienstarts en tandarts verlaagt het risico op vermijdbare complicaties. 

 

De LESA Antistolling gaat vergezeld van een zogenaamd Kennisdocument Antistolling.  Dit Kennisdocument bevat extra informatie over de verschillende antistollingsmiddelen zoals farmacologische eigenschappen, werkingsmechanisme en mogelijke bijwerkingen en interacties. Ook de gevolgen voor het beleid van de verschillende beroepsgroepen komen erin aan de orde (zoals bijvoorbeeld eventuele extra controles bij ingrepen en injecties en mogelijke alternatieve medicatie bij ongewenste interacties).