U bent hier

Obstipatie

Cluster: 
D. Spijsverteringsorganen
Status: 
Actueel - 2010

M94

Obstipatie M94

BegrippenNaar de tekst van de NHG-Standaard

Er is sprake van obstipatie bij volwassenen bij ten minste twee symptomen:

  • defecatiefrequentie ≤ 2 per week;
  • hard persen tijdens defecatie;
  • harde en/of keutelige defecatie;
  • gevoel van incomplete defecatie;
  • gevoel van anorectale obstructie/blokkade;
  • digitale handelingen noodzakelijk om ontlasting te verwijderen.

Er is sprake van obstipatie bij kinderen bij ten minste twee symptomen:

  • defecatiefrequentie ≤ 2 per week;
  • ophouden van ontlasting;
  • pijnlijke, harde of keutelige defecatie;
  • grote hoeveelheid in luier of toilet;
  • grote fecale massa palpabel in abdomen of rectum;
  • fecale incontinentie ≥ 1 episode per week (indien zindelijk).

Richtlijnen diagnostiekNaar de tekst van de NHG-Standaard

AnamneseNaar de tekst van de NHG-Standaard

  • Aanvang en duur van de klachten.
  • Defecatiepatroon (gebruikelijk defecatiepatroon; frequentie, hoeveelheid, vorm, consistentie; diarree; uitstelgedrag; toepassing van methoden ter bevordering van de defecatie; incomplete defecatie; moeizame passage van de ontlasting; aanwijzingen voor prikkelbaredarmsyndroom).
  • Voeding (voldoende vochtinname; voldoende vezelinname).
  • Oorzakelijke factoren en gevolgen (pijn bij defecatie; rectaal bloedverlies; gebruik van laxantia en medicatie die obstipatie als bijwerking heeft; hypothyreoïdie, diabetes mellitus, zwangerschap, ziekte van Parkinson, multipele sclerose).
  • Algemene klachten: toenemende buikpijn en braken, malaise, gewichtsverlies.

Aanvullend bij kinderen:

  • Tijdstip van eerste meconiumlozing; overgang borst/flesvoeding; fecale incontinentie; zindelijkheidstraining/defecatie op school; ouder-kindrelatie; groei(curve) en ontwikkeling.

Lichamelijk onderzoekNaar de tekst van de NHG-Standaard

  • Onderzoek het abdomen, inspecteer de perianale regio, verricht rectaal toucher op indicatie (pathologie of fecale impactie).

EvaluatieNaar de tekst van de NHG-Standaard

Obstipatie met een onderliggende somatische oorzaak:

  • malaise, onverklaard gewichtsverlies, rectaal bloedverlies, veranderd defecatiepatroon (maligniteit);
  • veel buikpijn, braken, forse distensie abdomen, afwezige peristaltiek of gootsteengeluiden (ileus);
  • gebruik van medicatie die obstipatie kan veroorzaken (opioïden, anticholinergica, anti-epileptica, serotonineheropnameremmers, bifosfonaten, ijzer- en calciumpreparaten, calciumantagonisten, NSAID’s, diuretica en aluminiumbevattende antacida);
  • hypothyreoïdie, diabetes mellitus, zwangerschap, ziekte van Parkinson, multipele sclerose;
  • prolaps van vagina en/of rectum (bekkenbodempathologie);
  • meconiumlozing > 48 uur na geboorte, bloederige diarree, gallig braken, failure to thrive, koorts (ziekte van Hirschsprung);
  • afwijkingen van de wervelkolom of anorectale misvormingen.

Indien geen onderliggende somatische oorzaak: functionele obstipatie.

Denk aan psychosociale factoren: problemen school/gezin, seksueel misbruik, fysiek geweld.

Richtlijnen beleidNaar de tekst van de NHG-Standaard

Voorlichting en niet-medicamenteuze adviezenNaar de tekst van de NHG-Standaard

  • Defecatiepatroon passend bij leeftijd.
  • Voldoende vochtinname; voldoende vezelinname; voldoende beweging.
  • Bij kinderen: poepdagboek en toilettraining (zie hoofdtekst NHG-Standaard).

Medicamenteuze therapieNaar de tekst van de NHG-Standaard

Volwassenen

  • Lactulosestroop 670 mg/ml: 15-45 ml of 12-30 g poeder in 1-2 doses.
  • Macrogol zonder elektrolyten: ≥ 8 jaar 1-2 sachets 10 g per dag; macrogol met elektrolyten: afhankelijk van fabrikant 1-4 sachets per dag (≥ 11 jaar 1-2 sachets). Fecale impactie: 8 sachets (van 13 g) per dag, innemen binnen 6 uur, gedurende maximaal 3 dagen (bij verminderde cardiovasculaire functie maximaal 2 sachets per uur) of rectale medicatie.
  • Overweeg ook rectale medicatie indien na 3 dagen orale therapie bij ernstige klachten geen defecatie heeft plaatsgevonden.

Kinderen


* Fecale impactie: 1-1,5 g/kg/dag (maximaal 7 dagen)
Lactulose (stroop 670 mg/ml)
0-1 maand1-2 maal daags 0,5 ml
1 t/m 6 maanden0,6-1 ml/kg/dag in 1-2 doses
7 maanden tot 18 jaar1-3 ml/kg/dag in 1-2 doses
Macrogol 
Zonder elektrolyten 
  • macrogol 4000 sachet junior 4 g
afhankelijk van leeftijd 1-4 sachets per dag ≥ 8 jaar: zie dosering volwassenen
  
Met elektrolyten
  • macrogol 3350 sachet junior 6,56 g* en macrogol 3350 sachet junior 2,95 g
afhankelijk van leeftijd en fabrikant 1-4 sachets per dag≥ 11 jaar: zie dosering volwassenen

ControleNaar de tekst van de NHG-Standaard

  • Controleer na het geven van voorlichting en niet-medicamenteuze adviezen na 2 weken.
  • Controleer na het starten van de medicamenteuze behandeling na 3 dagen tot 2 weken (afhankelijk van klachten). Continueer indien succesvol en bouw af in overleg met patiënt. Continueer bij kinderen de medicamenteuze behandeling minstens 2 maanden.

VerwijzenNaar de tekst van de NHG-Standaard

  • Aanwijzingen ileus of maligniteit: chirurg of internist.
  • Ingestelde behandeling onvoldoende werkzaam: MDL-arts/internist; kind naar kinderarts.
  • Verdenking op bekkenbodempathologie: gynaecoloog.
  • Vermoeden van ziekte van Hirschsprung of anatomische afwijking: kinderarts.
  • Ondersteuning toilettraining: jgz-verpleegkundige of kinderfysiotherapeut.
  • Forse gedragsproblemen, ontwikkelingsstoornissen of sterk verstoorde ouder-kindinteractie rond de defecatie: psycholoog.