U bent hier

Multidisciplinaire afspraken gegevens geneesmiddelovergevoeligheden

22 juni, 2017

Huisartsen, apothekers en specialisten hebben afspraken gemaakt over het registreren en uitwisselen van gegevens over geneesmiddelovergevoeligheden. Informatie over geneesmiddelovergevoeligheden wordt in toenemende mate elektronisch uitgewisseld en dat moet betrouwbaar gebeuren.

De huisarts moet goed kunnen inschatten of hij een geneesmiddel bij overgevoeligheid van de patiënt toch kan voorschrijven. Ook als de huisarts de overgevoeligheid niet zelf heeft vastgelegd, is het belangrijk dat voldoende informatie hiervoor beschikbaar is om een goede beoordeling te kunnen maken.

Patiëntveiligheid

Bij het voorschrijven van medicatie houden huisartsen zo goed mogelijk rekening met intoleranties en allergieën van de patiënt. Daarvoor is aanvullende informatie over de geneesmiddelovergevoeligheid nodig. Bijvoorbeeld, wie heeft de overgevoeligheid vastgesteld en wat was de overgevoeligheidsreactie (zoals een anafylactische shock of een hinderlijke bijwerking). Belangrijk is ook of er sprake is van een blokkade: het middel mag een volgende keer dan absoluut niet worden voorgeschreven.

Multidisciplinaire afspraken

Het NHG heeft samen met andere partijen uit de eerste en tweede lijn meegewerkt aan het document ‘Registratie en overdracht van geneesmiddelovergevoeligheden’ van Nictiz. Dit document bevat de voorwaarden waaraan ICT-systemen moeten voldoen, zodat ze de zorgverleners zo goed mogelijk ondersteunen bij medicatiebewaking op geneesmiddelovergevoeligheid. Het NHG heeft mede deze afspraken opgesteld, zodat ze passen bij de werkwijze van de huisarts. Het vastleggen van geneesmiddelovergevoeligheden door de huisarts is ook beschreven in het HIS-Referentiemodel.