U bent hier

Column Rob Dijkstra, Overdiagnostiek

Rob Dijkstra- 1 mei, 2017

Een paniekerig telefoontje tijdens de avonddienst van een patiënt die met de bloeddrukmeter van de buurvrouw een hoge bloeddruk heeft gemeten. Het zal u in een of andere vorm bekend voorkomen. Omdat er steeds meer onderzoek mogelijk en beschikbaar is, neemt de kans op overdiagnostiek toe. Hierbij gaat het om diagnose van een aandoening, die zonder screening niet boven tafel zou zijn gekomen.

Overdiagnose kan voorkomen bij het verlagen van afkapwaarden zoals bij zwangerschapsdiabetes, het aanbieden van ongerichte screening bij prostaatkanker of het uitvergroten van een vervelende maar onschuldige kwaal als rusteloze benen. En als een gestelde diagnose tot extra voordelen kan leiden, zoals bij kinderen met ADHD, is er een risico dat dit invloed heeft op de diagnostiek.

Natuurlijk zijn er voorbeelden te vinden waarbij je achteraf blij bent dat het onderzoek heeft  plaatsgevonden. Maar juist deze gevallen wakkeren bij anderen een angstgevoel aan. De drang om controle te hebben over het eigen lichaam wordt hierdoor versterkt.

Wanneer doe je nu wel of geen aanvullend onderzoek? Bepalend is de achterafkans op ziekte na anamnese en lichamelijk onderzoek. Is deze laag, dan kan worden afgewacht. Initiatieven als Verstandig kiezen en de keuzehulpen op Thuisarts.nl helpen om bewuste keuzes te maken en leiden tot doelmatiger gebruik van de zorg.

Ik ben erg enthousiast over ‘de drie goede vragen’ van Patiëntenfederatie Nederland. Deze vragen helpen het gesprek met mijn patiënten over passende keuzes bij de behandeling te structureren. Je kunt ze ook goed gebruiken bij aanvullend onderzoek: 1) Wat zijn mijn mogelijkheden? 2) Wat zijn de voor- en nadelen van deze mogelijkheden? en 3) Wat betekent dat in mijn situatie? Simpel en zeer behulpzaam.

Rob Dijkstra